Dierenwelzijn Vlaanderen voerde in 2025 in totaal 292 controles uit op Vlaamse veebedrijven. Alle controles in het kader van dierenwelzijn op landbouwbedrijven gebeuren onaangekondigd. Ben Weyts, die als minister onder andere dierwelzijn in de portefeuille heeft, ziet weinig ruimte om daar verandering in te brengen. Dit omdat ook de Europese regelgeving onaangekondigde controles als uitgangspunt neemt.
Dat blijkt uit het antwoord van Weyts op een schriftelijke parlementaire vraag van Vlaams Parlementslid Sofie Joosen. Zij verwees naar een eerdere bevraging van Boerenbond bij 367 land- en tuinbouwers, waaruit bleek dat een bedrijf gemiddeld vijf keer per jaar door verschillende overheidsdiensten wordt gecontroleerd. De veelheid aan controles, administratie en onaangekondigde bezoeken zorgt bij landbouwers voor extra stress.
229 controles op het bedrijf
In 2025 voerden inspecteurs en controleurs van Dierenwelzijn Vlaanderen 292 controles uit op veebedrijven. Daarvan gebeurden 229 controles ter plaatse en waren er 63 administratieve controles.
Daarnaast houdt Dierenwelzijn ook toezicht op de toestand van dieren die in slachthuizen worden aangevoerd. Wanneer daar problemen worden vastgesteld die al op het veebedrijf aanwezig moeten zijn geweest, wordt dat gemeld aan de Afdeling Dierenwelzijn. In 2025 vonden in de slachthuizen 4.227 controles plaats.
Cijfers over 2026 waren op het moment van het antwoord nog niet beschikbaar.
Controles altijd onaangekondigd
Voor veehouders is vooral relevant dat controles rond dierenwelzijn steeds onaangekondigd plaatsvinden. De minister verwijst daarbij naar de geldende regelgeving, waarin staat dat officiële controles zonder voorafgaande kennisgeving worden uitgevoerd, behalve wanneer zo’n aankondiging noodzakelijk en voldoende gerechtvaardigd is om de controle te kunnen uitvoeren.
In de praktijk geldt volgens Weyts slechts één uitzondering: keuringen van transportvoertuigen voor het vervoer van levende dieren.
Meer gewone controles vooraf aankondigen, zoals Joosen voorstelt, behoort volgens de minister dan ook niet tot de mogelijkheden. Daarvoor zou zelfs de Europese regelgeving moeten worden aangepast.
Samenwerking met FAVV en Agentschap Landbouw
De minister erkent dat controles een impact kunnen hebben op de bedrijfsvoering. Dierenwelzijn Vlaanderen probeert ze daarom naar eigen zeggen zo efficiënt en doelgericht mogelijk te organiseren, zodat de administratieve en praktische belasting beperkt blijft.
Er wordt ook samengewerkt met andere overheidsdiensten. Zo worden controles waar mogelijk samen ingepland en uitgevoerd met onder meer het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen (FAVV) en het Agentschap Landbouw en Zeevisserij, zo stelt de minister.
Dierenwelzijn Vlaanderen en het FAVV hebben bovendien een protocol afgesloten. Tijdens controles van het FAVV op veebedrijven wordt daardoor ook aandacht besteed aan dierenwelzijn. Vastgestelde overtredingen worden vervolgens systematisch doorgestuurd naar Dierenwelzijn Vlaanderen, legt de minister uit in zijn antwoord op de parlementaire vraag.
Waarschuwing bij lichte overtredingen
Wanneer tijdens een controle tekortkomingen worden vastgesteld, ontvangt de landbouwer daar achteraf officiële schriftelijke communicatie over. Dat kan gaan om een brief, een proces-verbaal van waarschuwing of een proces-verbaal van inbreuk.
Als een administratieve sanctie wordt overwogen, kan de betrokken veehouder verweer voeren. Bij een administratieve geldboete worden ook de beroepsmogelijkheden meegedeeld.
Hoe vaak in de afgelopen drie jaar eerst een waarschuwing of aanmaning werd gegeven voordat een proces-verbaal of sanctie volgde, kan de minister niet zeggen. Die cijfers worden niet afzonderlijk bijgehouden.
‘Recht op vergissing’ in praktijk al toegepast
Weyts stelt dat Dierenwelzijn Vlaanderen bij de handhaving vandaag al een proportionele aanpak hanteert. Bij lichte en onopzettelijke overtredingen wordt doorgaans gekozen voor sensibilisering en remediëring.
Een landbouwer kan dan bijvoorbeeld een schriftelijke waarschuwing of proces-verbaal van waarschuwing krijgen en krijgt tijd om de tekortkomingen weg te werken. Uit zo’n waarschuwing volgt volgens de minister nooit een administratieve sanctie.
Bij ernstige, herhaalde of intentionele overtredingen wordt wel een proces-verbaal opgesteld, dat aanleiding kan geven tot een administratieve sanctie. Ook het belemmeren van een controle of agressief gedrag tegenover inspecteurs kan tot een strengere aanpak leiden.
Doorverwijzing naar ondersteuning
Volgens Weyts zet Dierenwelzijn Vlaanderen niet alleen in op handhaving. Inspecteurs verwijzen landbouwers ook geregeld door naar Boeren op een Kruispunt (BOEK). Daar kunnen veehouders ondersteuning krijgen bij het aanpakken van vastgestelde tekortkomingen en het verbeteren van hun bedrijfsvoering. De landbouwer moet wel zelf beslissen om zo’n begeleidingstraject op te starten.
Daarnaast probeert de administratie landbouwers rechtstreeks te informeren. Dierenwelzijn Vlaanderen is onder meer aanwezig op landbouwbeurzen als Agriflanders en Agribex en organiseert gerichte communicatie- en sensibiliseringsacties.
De discussie over de controledruk blijft daarmee wel bestaan. Aan het principe van onaangekondigde dierenwelzijnscontroles verandert voorlopig niets: volgens Weyts laat de huidige regelgeving nauwelijks ruimte om standaardcontroles vooraf aan veehouders te melden.
Tekst: Gerben Hofman
Beeld: beeldarchief Prosu BV

