Wat eten Vlaamse jongeren vandaag en welke rol spelen landbouwproducten daarin? Voor het eerst onderzocht het Vlaams Centrum voor Agro- en Visserijmarketing (VLAM) dit bij 600 Vlaamse jongeren tussen 12 en 18 jaar en vergeleek hun antwoorden met die van volwassenen.
Uit het onderzoek blijkt dat tieners sterk vasthouden aan vertrouwde smaken en gewoontes. Ze kiezen in de eerste plaats op basis van smaak en geven de voorkeur aan wat vertrouwd en gemakkelijk is. Stappen richting gezondere of duurzamere keuzes beschouwen ze vooral als iets voor “later”.
Consumptie van landbouwproducten
Drie op de vier tieners (75%) eten meer dan vier keer per week vlees of vis. Ook producten zoals melk, eieren en aardappelen staan relatief vaak op hun menu. In vergelijking met volwassenen eten jongeren zelfs vaker aardappelen, eieren, melk, vlees en vleeswaren. Wel eten jongeren minder vaak vis, yoghurt en kaas.
Hoewel vegetarisme en veganisme vaak als een sterke trend bij jongeren worden voorgesteld, schetst het onderzoek een genuanceerder beeld. Zo eet 19% van de tieners flexitarisch, 1% pescotarisch en 5% vegetarisch of veganistisch. De intentie om minder vlees te eten is verdeeld: 31% overweegt dat in de toekomst, terwijl 39% dat niet van plan is.
Smaak en gewoonte bepalen keuzes
Bij hun voedselkeuzes laten tieners zich in de eerste plaats leiden door smaak en vertrouwdheid. Smaak krijgt een belangrijkheidsscore van 8,8 op 10 en is daarmee veruit de belangrijkste factor. Gezondheid volgt op afstand, terwijl milieu en herkomst minder zwaar doorwegen. “Tieners kiezen vooral voor wat ze kennen en lekker vinden. Gewoontes en de thuissituatie spelen een grote rol in wat jongeren eten”, zegt Liliane Driesen, woordvoerder van VLAM.

Positief tegenover landbouwers
Tieners staan overwegend positief tegenover landbouw en Belgische producten. Zo geeft 72% aan bewondering te hebben voor landbouwers en vindt 65% dat we meer voeding zouden moeten kopen die in België geproduceerd wordt. Die houding is duidelijk positief, al is deze iets minder uitgesproken dan bij volwassenen.

Kennis over voeding
Op dertien kennisvragen over voeding behalen tieners gemiddeld 7,7 op 13, goed voor 59% correcte antwoorden. Volwassenen doen het slechts iets beter met een score van 64%. De basiskennis over voeding is dus aanwezig bij tieners, maar blijft vaak intuïtief en minder verdiept. Zo weet minder dan de helft dat aardappelen geen dikmakers zijn of dat plantaardige drinks niet dezelfde voedingsstoffen bevatten als koemelk.
Correct beeld
“De onderzoeksresultaten tonen dat het beeld dat leeft over voeding bij tieners niet altijd overeenkomt met de realiteit,” zegt Liliane Driesen, woordvoerder van VLAM. “Met dit onderzoek wil VLAM bijdragen aan een genuanceerd en correct beeld van het voedingsgedrag van tieners.”
Bron: VLAM.be

