Oornecrose bij biggen ontstaat wanneer weefsel in de oorpunten afsterft. Onderzoek laat zien dat een hogere lichaamstemperatuur het risico kan vergroten, maar niet automatisch leidt tot necrose. Het probleem is complex: gezondheid, stress en management spelen een rol. Volgens onderzoek kan verminderde doorbloeding bij hogere temperaturen leiden tot weefselbeschadiging. Wat zijn de oorzaken en welke praktische maatregelen kun je treffen om het risico op oornecrose bij biggen te beperken?
Oornecrose en lichaamstemperatuur
Volgens onderzoek neemt bij biggen met een hogere lichaamstemperatuur de doorbloeding in de oorpunten af. Als deze verminderde doorbloeding langdurig aanhoudt, kan het weefsel afsterven. Niet elke big met verhoogde temperatuur ontwikkelt necrose, maar het risico is groter. Op bedrijven zonder problemen met oornecrose worden doorgaans weinig temperatuurverschillen gemeten, terwijl op bedrijven waar necrose voorkomt de gemiddelde lichaamstemperatuur hoger ligt.
Mogelijke oorzaken van hogere lichaamstemperatuur
Robert Wermink, zeug/big-specialist, geeft aan dat een hogere lichaamstemperatuur niet alleen samenhangt met ziekte of stalklimaat. Factoren die een rol spelen zijn onder andere stress, verminderde gezondheid, ziekte-uitbraken, bezettingsgraad, hokinrichting en materiaalgebruik. Bij een hogere bezetting kan de lichaamstemperatuur oplopen, ook als de omgevingstemperatuur gelijk blijft. Materialen zoals kunststof roosters houden warmte vast en beïnvloeden de temperatuur van biggen.
Praktische maatregelen ter preventie
Om het risico op oornecrose te beperken, adviseert Wermink het volgende: zorg voor een hoge voeropname in de eerste week na spenen, werk hygiënisch, beperk stress door tomen bij elkaar te houden, pas de omgevingstemperatuur tijdig aan, voorkom overbezetting (bij voorkeur 0,4 m² per big) en monitor voer- en wateropname. Afleiding helpt verveling en stress verminderen. Voldoende water ondersteunt de lichaamstemperatuur van de biggen.
Bron: Agrifirm

