Landbouwers met derogatiepercelen kunnen die bemesten met dierlijke mest van runderen (behalve mestkalveren), paarden, geiten en schapen. Ook bemesting met de dunne fractie afkomstig van de scheiding van varkensmest en met het effluent uit biologische mestverwerking, is mogelijk op derogatiepercelen. Beide meststoffen moeten daarbij voldoen aan de nodige voorwaarden.
De juiste opbrenging van de dunne fractie van varkensmest en het effluent uit biologische mestverwerking, moet door de Mestbank strikt worden opgevolgd. Producenten van dunne fractie varkensmest en effluent moeten in dit kader op voorhand een specifiek attest aanvragen bij de Mestbank. Die producenten bezorgen daarna een kopie van de geldige attesten aan de exploitant van het derogatiebedrijf. Het derogatiebedrijf dat dunne fractie of effluent laat aanvoeren op zijn derogatiepercelen, heeft die kopie nodig als onderdeel van zijn bemestingsplan.
Hoe de attesten aanvragen?
De nieuwe aanvraagformulieren zijn beschikbaar op de website van de VLM: www.vlm.be. Landbouwers kunnen hun aanvraag dus vanaf nu indienen. Klik achtereenvolgens op de volgende rubrieken: Land- & tuinbouwers > Mestbank > Formulieren > Mestproblematiek > Derogatie.
Aanvragers moeten bij hun aanvraag een analyseresultaat van een erkend laboratorium voegen dat aantoont dat de dunne fractie of het effluent voldoet aan de vereiste voorwaarden. Die analyse mag maximaal zes maand oud zijn.
Voorwaarden ‘dunnefractieattest’
Voorwaarden ‘effluentattest’