Gebruik antimicrobiële farmaceutica ruim 12 procent gedaald

07.07.2011

Zoals reeds lang wordt gedaan in de humane geneeskunde, worden in België nu ook gebruikscijfers van antibiotica in de diergeneeskunde opgevolgd. De evolutie gedurende de periode 2007-2009 toonde een daling van 12,8 procent in totale hoeveelheid actieve substantie. Toch zit ons land alsnog bij de hoogste gebruikers van Europa.
Zoveel blijkt uit de BelVetSac-studie uitgevoerd aan faculteit Diergeneeskunde van de Universiteit Gent (Eenheid voor Veterinaire Epidemiologie) in samenwerking met het Wetenschappelijk Instituut voor Volksgezondheid (WIV-ISP), het Centrum voor Onderzoek in de Diergeneeskunde en de Agrochemie (CODA-CERVA), en het Federaal Agentschap voor Geneesmiddelen en Gezondheidsproducten.
De eerste resultaten omvatten 2007 tot en met 2009. De gegevens werden enerzijds verzameld via de groothandelaar-verdelers voor de antimicrobiële farmaceutica, anderzijds via de mengvoederfabrikanten voor de antimicrobiële voormengsels (premixen). De evolutie in totale hoeveelheid actieve substantie (ton) zag een daling van 14,3 % van 2007 naar 2008, om opnieuw te stijgen met 1,8 % van 2008 naar 2009. Over de drie jaren heen was er dus een daling van 12,8 % te noteren in totale hoeveelheid actieve substantie. De daling is volledig toe te schrijven aan het verminderde gebruik van antimicrobiële farmaceutica.
Het gebruik van antimicrobiële voormengsels daarentegen steeg met 70 % van 2007 tot 2009. De meest aangewende klassen van antibiotica waren sulfonamiden en trimethoprim (100,6 ton gemiddeld), tetracyclines (83,7 ton) en penicillines (69,0 ton). Vooral het gebruik van sulfonamiden steeg en lijkt de reden te zijn voor het sterk gestegen gebruik van antimicrobiële premixen van 2007 tot 2009. Absolute getallen kunnen misleidend zijn. Hoe meer dieren (biomassa) in een land aanwezig zijn hoe meer antibiotica gebruikt zullen worden. Daarom werd een berekening gemaakt in functie van de  biomassa. Dit laat ook een vergelijking, alhoewel geen absolute, toe tussen verschillende landen. Uit deze vergelijking blijkt dat in 2007, België de derde hoogste hoeveelheid actieve substantie per kg biomassa (168,7 mg/kg) gebruikte van de 11 Europese landen die hun gebruik rapporteerden.
“Dus dringen inspanningen om dit te reduceren zich op”, stelde prof. Jeroen Dewulf (UGent). “Gelukkig werd afgelopen drie jaar een dalende trend waargenomen. Mogelijks speelde het opduiken van ernstige vormen van resistentie (MRSA, cefalosporine resistente E. coli) hierbij een rol. Net zoals de laatste jaren ook in de humane geneeskunde is gedaan zullen informatie en sensibilisatiecampagnes noodzakelijk zijn om een bewustwording te realiseren en een verantwoord en gereduceerd gebruik te stimuleren. Om het effect van de maatregelen te evalueren zal een continue monitoring van antibioticumgebruik, simultaan met het opvolgen van het voorkomen van antibioticumresistentie noodzakelijk zijn. Dit alles met als doel zowel de diergezondheid als de volksgezondheid te bevorderen.” Hiertoe is recent het AMCRA (het kenniscentrum voor antibioticumgebruik en –resistentie bij dieren of antimicrobial consumption and resistance in animals) opgericht dat zal fungeren als kenniscentrum voor alles wat te maken heeft met antibioticagebruik en resistentie bij dieren. Het AMCRA is een initiatief van alle betrokken actoren uit de sector en wordt mede ondersteund door het FAGG en het FAVV. Het zal gegevens over antibioticumgebruik en resistentie bij dieren verzamelen en analyseren en op basis hiervan op een transparante manier communiceren, sensibiliseren en adviseren. Dit alles met als doel een rationele reductie van het antibioticumgebruik bij dieren in België.

 Voor het eerste volledige rapport over het antibioticumgebruik bij dieren in België klik hier.