Dubbel zoveel Nederlandse varkensmest verwerkt

11.04.2011

De Nederlandse overheid publiceerde recentelijk haar gegevens van export van mest in 2010 naar Duitsland, België, Frankrijk en overige lidstaten.

Duitsland is voor Nederland het exportland bij uitstek (23,5 miljoen kg stikstof = N). België staat op de tweede plaats (6 miljoen kg N) en Frankrijk op de derde plaats (3,6 miljoen kg N). Opvallend feit voor 2010 is dat de globale export vanuit Nederland met 13 % daalde t.o.v. 2009. Dit is vooral te wijten aan de daling van export naar Duitsland met 18 %. Deze daling werd gedeeltelijk gecompenseerd met een stijging van de export naar België (+ 9 %) en naar Frankrijk (+10 %). Als we focussen op de Nederlandse importcijfers naar België, constateren we dat de import van pluimveemest, rundveemest en paardenmest constant blijft. Er is wel een opmerkelijke stijging van de import van varkensmest (+43 %).

Uit de cijfers van de Mestbank blijkt dat de Nederlandse varkensmest in 2010 ofwel naar Vlaamse mestverwerkingsinstallaties werd getransporteerd (40%), ofwel betrof het bemesting van Vlaamse landbouwgrond door Nederlandse grensboeren - de zogenaamde ‘eigen mest - eigen grond’- bemesting die zonder transportdocumenten kan afgezet worden (60%). Er wordt dus geen Nederlandse varkensmest afgezet op Vlaamse landbouwgrond van derden.

Tegenover 2009 merken we in 2010 een verdubbeling van de hoeveelheid Nederlandse varkensmest die naar Vlaamse verwerkingsinstallaties werd gevoerd (86 % ruwe varkensmest, 14 % dikke fractie varkensmest). De mestverwerkingscapaciteit in Vlaanderen (circa 24 miljoen kg N) is dan ook beduidend groter dan in Nederland. Deze Nederlandse mest wordt samen met Vlaamse mest in Vlaanderen co-verwerkt tot organische, gehygiëniseerde bodemverbeteraars die hoofdzakelijk hun afzet vinden in Frankrijk.

De Mestbank publiceerde reeds in januari 2011 haar exportgegevens 2010 voor onbewerkte dierlijke mest. In totaal werd 5,1 miljoen kg N ruwe mest geëxporteerd uit Vlaanderen, waarvan 1,45 miljoen kg N naar Nederland. Het betreft voor 66% pluimveemest, voor 28% varkensmest en voor 6% overige mestsoorten. In 2009 bedroeg de Vlaamse export naar Nederland 0,9 miljoen kg N.

Een analyse van de varkensexport naar Nederland toont aan dat er ten opzichte van 2009 zes keer meer export plaatsvond in 2010. Naast afzet op eigen gronden door Vlaamse grensboeren, wordt de Vlaamse ruwe varkensmest hoofdzakelijk op Nederlandse grond afgezet. Nederland laat immers sinds het voorjaar van 2010 de import van onbewerkte varkensmest toe voor spreiding op landbouwgronden in Zeeuws-Vlaanderen. Dit was goed voor circa 376.000 kg N.

De dienst Afzet van de Mestbank heeft sinds 2009 jaarlijks een aantal overlegmomenten met de Nederlandse Dienst Regelingen, AID (Algemene Inspectie Dienst) en VWA (Voedsel en Waren Autoriteit). Doel van dit overleg is om wetgevingen en procedures zo goed mogelijk op elkaar af te stemmen en zoveel mogelijk administratief te vereenvoudigen. Door overleg en samenwerking willen Vlaanderen en Nederland ook komen tot een betere opvolging en handhaafbaarheid van de export/import tussen beide lidstaten. Zo wordt bijvoorbeeld momenteel een nieuwe grensboerregeling uitgewerkt.

Om in 2012 te kunnen overstappen van een papieren opvolgingsprocedure voor grensboeren naar een eenvoudige, digitale procedure en om een betere traceerbaarheid van de grensboertransporten te kunnen garanderen, hebben Vlaanderen en Nederland de handen in elkaar geslagen en werken samen aan de ontwikkeling van een nieuwe wetgeving voor grensboeren. Hiertoe ontwikkelt de Mestbank momenteel een nieuwe informaticatoepassing die zal toelaten dat de grensboeren zelf hun transporten kunnen aanmelden. Er wordt ook onderzocht hoe Mestbankgegevens en gegevens van de Dienst Regelingen onderling kunnen uitgewisseld worden; dit om in de toekomst, tussen Nederland en Vlaanderen, een betere opvolging van de grensoverschrijdende mesttransporten mogelijk te maken.