De leden van de Boerenbond en Groene Kring voerden vandaag o.a. in Leuven en Diest actie tegen het nieuwe MAP. In een eisenbundel formuleerden ze wat noodzakelijk is om MAP4 in de praktijk te kunnen uitvoeren. Het gaat om: derogatie, flankerende maatregelen, administratieve vereenvoudiging, goede bemestingsadviezen, een betere opvolging van nitraatresidu’s en het meetnetwerk en een effectief en efficiënt controlebeleid.
Flankerende maatregelen:
Een substantiële verhoging van de middelen van de praktijkcentra met het oog op bijkomend onderzoek naar bemesting in relatie tot optimale productie en kwaliteit, en onderzoek naar invloeds- en reductiefactoren van het nitraatresidu. Daarnaast moeten er voldoende communicatiemiddelen voorzien worden om deze informatie zo breed mogelijk te verspreiden. Deze (en andere) bijkomende financiële middelen mogen niet komen van een puur interne verschuiving van middelen.
Steun voor bodemverbeterende maatregelen (onder vorm van beheersovereenkomsten) : bekalking, groenbedekker, gebruik stro en stalmest,… Naast een positief effect op de nutriëntenproblematiek hebben zij immers ook een positieve invloed in het klimaatverhaal
Bijkomend onderzoek rond zuivering en hergebruik van water, dit met het oog op vermindering spuistroom.
Steun voor introductie van KNS (KNS is een nieuwe verplichting voor een analyse- en adviessysteem in de tuinbouw).
Bijkomende middelen in het VLIF voor investeringssteun in bijkomende opslag van stal- en drijfmest.
Een vereenvoudigde procedure (enkel meldingsplicht) voor het bekomen van een stedenbouwkundige vergunning voor het bouwen van deze bijkomende mestopslag.
Verhoogde investeringssteun voor de aanschaf/opzet van kleinschalige mestverwerking.
Maximale valorisatie van reeds beschikbare informatie bij de overheid veebezetting, maximale bemestingsruimte,…). Het e-loket moet verder uitgebouwd worden naar een voor de landbouwer bruikbaar milieu-instrument.
Er dient gezocht naar oplossingen om de waardering van NER’s te verminderen. Voor de verschillende sectoren is dit immers oorzaak van extra kosten en deloyale concurrentie.
Bij de Mestbank een persoon of dienst aanduiden/oprichten die verantwoordelijk is voor de mestexport. Alle knelpunten en administratieve belemmeringen kunnen bij deze dienst gecentraliseerd worden. Door middel van een jaarlijks plan van doelstellingen en evaluatie van de effectieve realisaties, kan dit een effectieve stimulans betekenen.
Op het terrein de oprichting en ondersteuning van waterkwaliteitsgroepen, zoals voorzien in het actieplan van 2007.
Derogatie:
Er alles aan doen opdat er in 2011 een derogatie nu toepasbaar wordt.
Effluent van biologische mestverwerking in de derogatie toelaten (heel waardevolle kalibemesting).
Verlating van de datum voor toediening van 2/3-de van de mest van 15 mei naar 31 mei.
Een systeem van referentiepercelen opzetten (cfr. Nitrawal in Wallonië) onder monitoring van de praktijkcentra.
In 2011 met een propere lei beginnen, zeker wat betreft de om administratieve redenen afgekeurde dossiers.
Aanduiding van de derogatie voor 2011 toch mogelijk maken in de verzamelaanvraag.
Moet administratief eenvoudig blijven.
Opvolging nitraatresidu en meetnet:
Zoeken naar systemen om de grote variabiliteit in resultaten van staalnames te reduceren, in functie van een minimale rechtszekerheid en ook om het geloof in het systeem te behouden. Dit gaat zowel over de periode van staalname, stadium van de teelten, grondsoort, als over de analysemethoden.
Pleiten voor een correctie op het nitraatresidu in functie van het humusgehalte van de bodem.
Behoud systeem tegenstaal in combinatie met behoud laagste analysecijfer.
Stalen genomen op onvolledige diepte mogen niet gebruikt worden.
Er moet een grondige audit komen van ons meetnet : we moeten ons enerzijds de vraag stellen of er überhaupt wel zo veel moeten zijn, of het resultaat van elk punt wel volledig aan landbouw kan toegeschreven worden, en hoe de meetresultaten statisch gebruikt worden.
Bemestingssysteem:
Praktijkonderzoek naar de toepasbaarheid en bruikbaarheid van het KNS-systeem.
Vraag om na 4 jaar de individuele keuze opnieuw te maken tussen het systeem van totale stikstof en werkzame stikstof. De (logische) omschakeling naar het systeem van werkbare stikstof zal immers sterk belemmerd worden door de onomkeerbaarheid van de keuze.
Vraag naar een werkbaar systeem voor het aantonen van hogere opbrengsten.
Extra fosfaatgifte op fosfaatarme gronden op basis van analyses.
Uitscheidingsnormen:
De uitscheidingsnormen moeten regelmatig herbekeken worden rekening houdende met evoluties in genetica, voedersamenstelling en voedersystemen,…
Administratieve vereenvoudiging :
Vraag om van het bemestingsplan en het bemestingsregister slechts 1 aangifte te maken. Wij pleiten voor het behoud van het bemestingsplan per gewasgroep omdat dit de land- en tuinbouwer er toe aanzet om goed na te denken over zijn planning. Inzake mestafzet moet de mestbalans in balans zijn op bedrijfsniveau.
Indien men er voor opteert om het register toch te behouden pleiten wij er voor dat alle gps-geregistreerde transporten niet meer moeten opgenomen worden in het register.
Ook de vraag of het nog zin heeft om export van pluimveemest te verplichten onder gps.
Mestverwerkingscertificaten : waarom moeten deze eerst nog via de verwerker passeren ?
Vraag aan de Mestbank naar duidelijke, eenvoudige en controleerbare berekeningswijzen in het kader van uitbreiding mits mestverwerking, overdrachten en omvorming naar vennootschappen of samenwerkingsvormen vader-zoon.
Vraag om de mestaangifte met een maand te verlaten naar 15/3, zodoende loopt dit gelijk met de wateraangifte en is er een ruimere beschikbaarheid van de nodige inputinformatie.
Vraag om de kost van gezondheidcertificaten bij de export van mest (bevoegdheid FAVV) af te schaffen.
Beperking van de ongewenste gevolgen van de nieuwe regeling voor mesttransporten, bijvoorbeeld bij het inzetten van materiaal van een machinering of uitwisseling van vervoersmateriaal tussen landbouwers.
Controlebeleid:
Een effectief en efficiënt controlebeleid moet uitgaan van 4 trappen (in die volgorde) : strategie, informatie en begeleiding, waarschuwing en in laatste instantie proportioneel sanctioneren.
Daarnaast moet er bij het sanctioneren uitgegaan worden van het gewicht van de eventuele overtreding en van de globale score van op bedrijfsniveau (zoal in lastenboeken)
Ten slotte moeten er korte en duidelijke beroepsmogelijkheden komen.